Van 2015 tot juli 2020 schreef ik columns voor het Brabants Dagblad. Diverse van deze columns zijn terug te lezen op deze website.
Van 2015 tot juli 2020 schreef ik columns voor het Brabants Dagblad. Diverse van deze columns zijn terug te lezen op deze website.

‘Moet je nog naar de wc? Heb je een zakdoek bij je?’ Terwijl de dochter de vragen stelt, beseft ze dat de rollen omdraaien. Moeder wil naar de Heilige Eik in Oirschot. Het is meimaand en al haar hele leven traditie om een kaarsje te branden in deze kapel. 80 jaar, en voor de 13e keer zonder haar man met kaarsengeld op pad. Haar dochter ging jaren niet meer mee, niks verloren daar. Ze kan zich de laatste keer herinneren, toen nog een groot fan van gekleurde windmolentjes, gevuld met snoep. Die ze niet kreeg. Deze ouders moesten zes kinderen tevreden stellen, inclusief moeder Maria, waar ze eigenlijk voor kwamen. Het bleef bij een rol Rang en een dubbeltje voor een kaars. De dochter stak het aan en wenste een snoepmolentje. Het soort smeekbedes dat niet werd verhoord, ook niet door Maria.
Terug naar huis, de drie jongste kinderen in de kattenbak van de Kever, werd er wedstrijdje gedaan wie het langst met het laatste snoepje deed. Wat al snel ruzie opleverde, want behalve tegen zo veel zoetigheid, konden de meesten uit het gezin ook niet tegen hun verlies. Vader zag het niet. Met zo’n druk huishouden én je handen aan het stuur, is vooruit blijven kijken het devies.
Moeder en dochter komen aan bij de kapel. Maria blijkt toegankelijker dan ooit, het hobbelige pad van weleer is vervangen door een strak tegelpad rechtstreeks richting offerblok.
Ze nemen plaats, op een bankje achter een bejaarde vrouw met haar zoon. Barmhartig slaat de man een vest om zijn moeders schouders in de wat kille kapel. ‘Grijze moeder, mee ‘ne grote vent’ zoals van Maasakkers het beschrijft in zijn ‘Liedje van altijd’.
Het ontroert de dochter, die tranen voelt prikken. Gelukkig heeft de moeder een zakdoek mee.